Eindtijd Profetie / Dwalingen
Theologieen

 

1               Bedelingenleer, “Hall Lindsey”, “Zoeklicht”, “Laatste bazuin”

1.1         Prolegomena bedelingenleer, “Hall Lindsey”, “Zoeklicht”, “Laatste bazuin”

1.1.1   Verband Oude Testament en Nieuwe Testament

 

Er is een duidelijke scheiding tussen de gemeente en Israël in de uitleg. Dit is een “tweewegenleer”. Uitgangspunt is de letterlijke historische uitleg.

 

 

Het uitgangspunt is: wat betekende een verbond of profetie letterlijk voor de toehoorders van die tijd in hun historische en culturele context. Het volk Israël wordt gezien in zijn natuurlijke betekenis. Het zaad van Abraham heeft drie betekenissen, 1) de natuurlijke afstammelingen van Abraham, dit wordt nog beperkt tot Jacob en de 12 stammen, 2) daarbinnen het geestelijke zaad van hen die God geloofden en zich aan de wet hielden, zij zullen het land bezitten gedurende het millennium en dan 3) het geestelijk zaad1 (de heidenen) die geen natuurlijke afstammelingen zijn van Abraham, zij delen in de zegeningen2. [Zo wordt het verbond met Abraham ultraletterlijk genomen en gaat de uitleg over de grens van de letterlijke betekenis heen. HJH] Pentecost maakt onderscheid tussen de beloftes aan Abraham, zijn zaad en aan de heidenen in Genesis 12:2-3 en houdt deze strikt gescheiden3. Voor de heidenen is er de belofte van de zegeningen. Alle beloftes aan het zaad en aan Israël worden zo gescheiden gehouden van de gemeente. Deze methode wordt in de hele Bijbel toegepast. Alles wordt uitgesplitst in Israël en de heidenen (gemeente): de opname en wederkomst, het geestelijk Koninkrijk van God (gemeente) en het natuurlijk Koninkrijk van God (Israël met Jezus op de troon in het millennium). Pentecost benadrukt in het bijzonder Kolossenzen 1:24-274 en legt uit dat dit mysterie (de gemeente) verborgen was en dus niet in het Oude Testament voorkwam5.

 

Het Koninkrijk is door Jezus aan Israël aangeboden maar afgewezen. Hierdoor is er uitstel van het Koninkrijk tot de wederkomst van Jezus, tijdens deze periode is het mysterie van de gemeente tussengevoegd. De gemeente deelt in de zegeningen door het bloed van Christus6. De gemeente wordt voor de verdrukking opgenomen en dan start het programma met Israël weer. De vervulling van profetieën (Jeremia 31:31-35) over het nieuwe verbond met Israël worden pas vervuld na de wederkomst van Christus. Er zijn nu twee Koninkrijken: Het geestelijk Koninkrijk wat alleen door wedergeboorte binnengegaan kan worden. Dit is het Koninkrijk van de gemeente in de hemel. En dan is er het millennium Koninkrijk op aarde waarover Jezus heerst op de troon van David wat bij de wederkomst opnieuw aan Israël wordt aangeboden nadat ze tot bekering zijn gekomen7. Er is dus een aparte weg voor de gemeente en voor Israël.

 

Jan van Barneveld van het Zoeklicht spreekt in dit kader over de doorgesneden profetieën8.  Hij noemt hier o.a. Joël 2:30,31, Zacharia 9:9-10, Jesaja 9:5,6; 11:1; 40:3-5, Psalm 22. Een deel is met de komst van Jezus vervuld maar het is nog niet totaal vervuld. Deze stroming kijkt ook heel erg naar de profetieën in het Oude Testament over het volk Israël en de volken daar omheen. Men ziet tal van bewijzen dat profetieën op dit moment aan het uitkomen zijn.

 

Beeld Nebukadnessar

 

Daniël 2

Daniël 7

Daniël 8

Daniël 9

Daniël 10-12

BeeldNebukadnessar.jpg

 

Babylo-nische rijk

Goud

Leeuw

 

Balling-schap

 

Meden en Perzen

Zilver

Beer

Ram

 

Drie koningen Perzië

Grieken

Koper

Panter

Bok

 

Heldhaf-tige koning

Romeinse rijk

IJzer en leem

Monster

Horens

Volk van een vorst

Gruwel der ver-woesting

Herstel RR, eindtijd

 

 

1 week

Millennium, Koninkrijk van God

 

Zoon des mensen

 

Voleinding

 

Figuur   Standbeeld Nebukadnessar uit Daniël 2

 

Op basis van Daniël 2 en 8-12 is er een sterke verwachting van het herstel van het 4e (Romeinse) rijk9. Alle aardbewoners zullen deze (Romeinse) dictator (antichrist) gaan volgen10. Dan is er op basis van Daniël 9:27; 12:11 en Mattheüs 24:15 sprake van de gruwel der verwoesting (antichrist) die zich op de heilige plaats zal zetten. Deze heilige plaats is de tempel en deze moet dan dus herbouwd worden11. Vanuit Ezechiël 37 ie er een sterke verwachting van het herstel van de staat Israël, vanuit Ezechiël 40-47 van de herbouw van de tempel12 en vanuit Ezechiël 47,48 de belofte van het land. Ook het feit dat Zacharia over Jeruzalem13 profeteerde dat deze stad een groot probleem (bedwelming) zou worden voor alle volken wordt als heel actueel gezien. Israël is al vele jaren bijna dagelijks in het nieuws. Hermeneutisch worden alle profetieën letterlijk, grammaticaal, historisch, materialistisch uitgelegd.

 

Ook verwacht men een toenemende dreiging voor Israël met (de Sovjet-Unie als) een grote vijand uit het noorden14, een plotseling einde voor de koning15 uit het noorden (door een enorm leger van China)16. Ook is er de koning van het Zuiden (federatie van Arabieren met vele Afrikaanse naties)17 die Israël zal proberen te vernietigen18.

 

Figuur  Dreiging voor Israël volgens Hall Lindsey

 

De profetie over de zeventig jaarweken uit Daniël 9 geeft volgens deze leer aan dat de eindtijd zal gaan over een zevenjarige periode, dit is de overgebleven jaarweek na de dood en opstanding van Jezus19. Ook is er dan sprake van een verbond20 tussen Israël en de antichrist, de dictator, van 7 jaar dat dan halverwege verbroken wordt. De tekst in Daniël geeft aan dat hij het verbond zwaar zal maken. Dit kan ook het verbond met God zijn. Er wordt hier gekozen voor een zo letterlijk, natuurlijk mogelijke uitleg in de aannames. Nergens staat echter dat dit een verbond is tussen de antichrist en Israël en dat dit verbond aan het begin van die 7 jaar gesloten wordt. De tekst in Daniel wordt echter ook anders uitgelegd. De zeventigste week is dan de week waarin de bediening van Jezus begint. Halverwege wordt Jezus gekruisigd. Door dit offer stopt de noodzaak voor de offerdienst van de joden. De laatste drie en een half jaar sluiten de periode af dat het evangelie speciaal aan de joden gebracht werd.

 

Figuur  Tijdsindeling eindtijd volgens 70 jaarweken

 

Opvallend is dat er maar 1 tekst is die een periode van 7 jaar aangeeft en dat alle andere teksten gaan over 3,5 jaar.Ook het Nieuwe Testament speelt een belangrijke rol bij de prolegomena. Aan de ene kant vertelt de Bijbel dat van die dag en ure niemand weet21 en dat het niet aan de discipelen (geldt dus ook voor ons) is om tijden of gelegenheden te weten waarover de Vader de beschikking heeft gehouden22 maar aan de andere kant wordt er opgeroepen tot waakzaamheid. Jezus gebruikt het voorbeeld van de vijgenboom om aan te geven dat we wel kunnen weten, aan de hand van tekenen, dat de tijd nabij is. Dit speelt een grote rol bij deze stroming. Het ontstaan van de staat Israël op 14 mei 1948 wordt als begin van het profetisch aftellen gezien. Dit wordt gekoppeld aan de les van de vijgenboom van Jezus. Het uitkomen van de bladeren is het zichtbaar worden van de tekenen (profetieën). Het aftellen bestaat hieruit dat Jezus voorspelt dat dit geslacht geenszins voorbij zal gaan voordat al deze dingen gebeurd zijn23. Daarbij is dan de aanname dat wij dit bedoelde geslacht zijn. Er is ook een ultraletterlijke uitleg waarbij de staat Israël de vijgenboom zelf is24. Tim Lahey25 noemt ook de toename van het occultisme als invulling van de grote tekenen26 die door de valse christussen en profeten dan gedaan zullen worden. Ook zijn er tal van overzichten van dreigingen van wereldoorlogen, toename van hongersnoden en aardbevingen.

 

1.1.2   Eschatologie

 

Deze stroming volgt de bedelingen leer die begon bij Darby in 1830. De tijd is hierbij opgedeeld in bedelingen/dispensaties27 28 29

    1. Onschuld (Adam en Eva voor de zondeval)
    2. Geweten (Zondeval tot de zondvloed)
    3. Menselijke regering (Zondvloed tot roeping Abraham)
    4. Belofte (Abraham tot Mozes)
    5. Wet (Mozes tot de dood van Jezus)
    6. Genade/Gemeente (Opstanding Jezus tot wederkomst, mysterie)
    7. Koninkrijk (1000-jarig rijk)
 

Een sterke nadruk heeft de leer rond de opname van de gemeente. Deze vindt plaats voor de verdrukking aan het einde van het mysterie programma (bedeling 6). Dit is de 1e opstanding. De weerhouder30 wordt als de Heilige Geest gezien die in de gemeente aanwezig is. De wederkomst vindt aan het eind van de verdrukking plaats in zichtbare gestalte. Jezus zal dan de aardse troon van David bestijgen. De 2e opstanding vindt plaats na het 1000-jarig rijk. Dit is dan een opstanding ten oordeel. Kenmerkend voor deze stroming is dus de gerichtheid op Israël en de opname.

 
Jan van Barneveld nuanceert de opname voor de verdrukking. Hij zet de verschillende mogelijkheden naast elkaar, voor / tijdens / na de verdrukking. Vanuit het perspectief van Israël laat hij zien dat het onlogisch is dat de gemeente eerder opgenomen wordt31
 

1.1.3   Geestelijk versus natuurlijk

 

Door de historisch letterlijke uitleg heeft deze stroming veel aanhangers in de evangelische wereld en de orthodoxe gemeentes. Doordat veel nadruk ligt op de profetieën uit het Oude Testament is de uitleg sterk materialistisch.

 

In de leer zelf wordt er geen opdeling gemaakt in meerdere hemelen. De nadruk ligt op de natuurlijke wereld, aarde en zichtbare hemel, en wat daarin gebeurd. Daarnaast is er de hemel bij God. De strijd in de hemelse gewesten wordt niet benoemd of heeft geen rol.

 

1.2         Hermeneutische keuzes bedelingenleer, “Hall Lindsey”, “Zoeklicht”, “Laatste bazuin”

 

De opname voor de verdrukking van de gemeente wordt verklaard door Openbaring 1:19 uit te leggen als: “Schrijf dan hetgeen gij gezien hebt en hetgeen is (de gemeente) en hetgeen na dezen (de eindtijd) geschieden zal.” “Hetgeen is” slaat dan op de gemeente en “hetgeen na dezen” slaat dan op het tijdperk na de gemeente op aarde32. Hierbij wordt de ultraletterlijke methode toegepast. Het toepassingsgebied van “hetgeen is” wordt opgerekt buiten zijn natuurlijke betekenis van “de huidige status”. Er wordt vervolgens uitgelegd dat “hetgeen is” uitgelegd wordt in Openbaring 2 en 3 en “hetgeen na deze” in de hoofdstukken daarna. Ook wordt er op gewezen dat de gemeente genoemd wordt tot en met Openbaring 3:22 en dan pas weer in Openbaring 19 en dus in de tussenliggende gedeeltes niet voorkomt. Omdat de opname niet letterlijk beschreven staat in het eerste gedeelte vraagt dit om een verklaring. Deze werd gevonden in Openbaring 3:10 waar staat: “Omdat gij het bevel bewaard hebt om Mij te blijven verwachten, zal ook Ik u bewaren voor de ure der verzoeking, die over de gehele wereld komen zal, om te verzoeken hen, die op de aarde wonen.” Hier wordt een ultraletterlijke uitleg gekozen. De woorden “bewaren” en “verzoeking” worden opgerekt in hun betekenis. Tevens wordt er nadruk op gelegd dat het woord ‘ek33’ uit het Grieks eigenlijk met “uit” vertaald moet worden in plaats van met “voor”. Het bewaren uit de verzoeking wordt dan uitgelegd als de opname (er uit weg nemen) voor de verdrukking met zijn verzoekingen plaats vindt. De brieven aan de zeven gemeentes zijn niet alleen bestemd voor de zeven gemeentes uit de tijd van Johannes maar stellen ook de gemeentes voor door de kerkgeschiedenis heen. In de volgorde van de gemeentes wordt de tijdsvolgorde door de geschiedenis heen gelezen. De zesde gemeente, Filadelfia, is dan de gemeente die voor de verdrukking wordt opgenomen. Dit is de trouwe kerk. De ontrouwe kerk (Laodicea34) gaat wel door de verdrukking heen. De gemeente is dus wel aanwezig in de verdrukking! Hermeneutisch wordt de letterlijke uitleg verlaten en informatie toegevoegd aan de tekst. Hoofdstuk 4 en verder wordt zo na de opname geplaatst, na al bijna 2000 jaar na het leven van Johannes.

 

Figuur  Opname van de gemeente

 

De volgende hermeneutisch keuze is de tijdsvolgorde van de zegels, bazuinen en schalen. Hierbij speelt de profetie van de 70 jaarweken een grote rol. De prolegomena35 is dat de eindtijd bestaat uit 7 jaar36, de laatste jaarweek, en dat halverwege de laatste jaarweek, na drie en een half jaar, de grote verdrukking start.

 

Figuur  De 70 jaarweken toegepast in Openbaring

 

Het verhaal van de vrouw en de draak en het beest uit de zee en de aarde komen na de bazuinen. Op basis hiervan worden de zegels en de bazuinen in de eerste drie en een half jaar geplaatst en de schalen in de laatste drie en een half jaar. Hermeneutisch vergelijkt men de teksten uit het Oude Testament met die uit Openbaring en lost men het probleem van de tijdsvolgorde op door een aantal regels van Hillel toe te passen zoals regel 6 “Het gelijke in een andere plaats”. De vorst uit Daniël 9:26 en 27 vertoont sterke gelijkenissen met het beest uit de zee37. Het schema van de eindtijd uit Daniël wordt op die manier gecombineerd met Openbaring. Het beest uit de zee is dan de antichrist, de leider van het Romeinse rijk en het beest uit de aarde de valse profeet die een wereldreligie tot stand zal brengen. Er is in dit verband slechts 1 tekst die aangeeft dat het om zeven jaar zou kunnen gaan. Alle andere teksten geven 3,5 jaar aan. Hermeneutisch wordt zo dus een hoofdregel, die heel bepalend is voor de uitleg, uit 1 Schriftplaats uit het Oude Testament gehaald38. De boekrol en de zegels worden ook in de eindtijd geplaatst vanwege de uitleg rond de opname.

 

Halverwege, net voor de 7e bazuin staat het verhaal van de 2 getuigen. Deze 2 getuigen worden meestal letterlijk als 2 getuigen  uitgelegd. Zacharia 4 en Maleachi 4 spelen een belangrijke rol in de uitleg. Hierbij speelt de profetie over Elia een rol, men zegt dat Johannes de Doper deze profetie nog niet volledig heeft vervuld. De dag des Heren wordt in de eindtijd geplaatst en die is nog niet aangebroken. Ook het feit dat Elia en Mozes beiden aanwezig waren bij de verheerlijking op de berg speelt een rol. Hermeneutisch worden zo verschillende conclusies uit andere teksten bij elkaar genomen en geconcludeerd dat het Mozes en Elia zijn39. Dat ze terugkeren uit de hemel en weer een sterfelijk lichaam krijgen wordt niet als bezwaar gezien40. Een andere uitleg is dat er nog iemand in de geest van Elia terugkomt om te getuigen41. Bij de 2 getuigen is er sprake van 1260 dagen profeteren, dit is drie en een half jaar. Dan worden ze overwonnen door het beest uit de afgrond en liggen drie en een halve dag op straat. Het tijdstip van profeteren wordt zowel in de eerste helft42 en in de tweede helft43 geplaatst.

 

Hermeneutisch wordt alles rond de zegels, bazuinen en schalen in de geestelijke wereld uitgelegd maar de gevolgen ervan consequent letterlijk in de natuurlijke wereld44. Het eerste paard is de antichrist. Het paard wordt dan als symbool voor een mens gezien. Het tweede paard staat symbool voor de derde wereldoorlog. Het derde paard voor hongersnood en ziekte. Het vierde paard voor het feit dat er in de derde wereldoorlog een vierde deel van de aarde gedood wordt. Hermeneutisch is het opvallend dat de paarden met ruiters hier niet letterlijk genomen worden maar symbolisch terwijl dit wel zou kunnen. In de uitleg sluit men nauw aan bij de prolegomena.

 

Figuur  Uitleg zegels in Openbaring

 

Bij de zesde bazuin wordt nog eens een derde deel gedood. Dit is bij elkaar dan de helft van de wereldbevolking. De overige rampen houden ook in dat er enorme aantallen mensen omkomen en de aarde voor een groot deel verbrand, het drinkwater niet meer te drinken is, de zon verduisterd wordt enzovoort. De aarde wordt onbewoonbaar.

 

Wat de uitleg van de draak met de vrouw, in Openbaring 12, betreft komt hierin ook de Israël visie weer naar voren. De vrouw is in dit geval Israël. Dit is de letterlijke, historische uitleg. Er wordt terug verwezen naar de droom van Jozef. Het kind is Jezus in de uitleg. Soms wordt het feit dat het kind plotseling weggevoerd wordt als de hemelvaart uitgelegd45. De vlucht van de vrouw, naar de woestijn, wordt in alle gevallen in de eindtijd geplaatst.

 

Ook de uitleg van de 144.000 verzegelden46 is letterlijk 12.000 uit elke stam van Israël. Zij krijgen de opdracht om te getuigen van het evangelie. Dit zijn dezelfde 144.000 die in Openbaring 14 op de berg Sion staan. Hoewel de schalen dan nog moeten komen wordt het moment uitgelegd als aan het eind van de verdrukking47. Dit moet wel omdat Jezus bij hen op de berg Sion staat. Dit kan pas na de wederkomst zijn. Het zegel dat ze op hun voorhoofd hebben is een voor iedereen zichtbaar zegel waar de naam van het Lam en de naam van Zijn Vader op staat48. Hermeneutisch wordt dit allemaal letterlijk, historisch, materialistisch uitgelegd. De 2 getuigen en 144.000 getuigen worden los van elkaar gezien. Dat de kandelaren in Openbaring 1 ook als beeld van de gemeente wordt gebruikt wordt hierin niet meegenomen.

 

De schare die niemand tellen kan49 zijn de mensen die tijdens de verdrukking tot geloof komen volgens Tim Lahey. Dit kunnen miljarden gelovigen zijn. De profetie in Joël 2:28-32 spreekt immers over het uitstorten van de Geest van God50. Omdat het over martelaren gaat is er dan sprake van het feit dat deze mensen gestorven zijn voor hun geloof tijdens de grote verdrukking51. De plek waar dit beschreven staat is echter aan het begin van de verdrukking. Qua tijdsvolgorde knelt het hier.

 

Over het teken van het beest52 zijn al heel veel speculaties geweest. Het dispensationalisme komt veelvuldig met een letterlijke duiding hiervan. Het getal 666 wordt dan letterlijk genomen en is onderdeel van een systeem om betalingen te verrichten. (Creditcard systemen, onderhuidse chips, biometrische paspoort, irisscan)  Hermeneutisch vindt men het lastig om een goede uitleg te geven vanwege de omschrijving. Is het letterlijk of symbolisch bedoeld en wat betekent het dan. Er zijn niet echt andere teksten in de Bijbel die er direct naast gelegd kunnen worden voor meer duidelijkheid.

 

Over de paarden die genoemd worden in Openbaring 9:16 zijn de meningen verdeeld. Lindsey gelooft in een leger van 200 miljoen soldaten53. Zie ook de figuur over de bedreiging voor Israel. Dit terwijl Lahey het duid als een demonisch leger54. Hermeneutisch weet men niet goed te kiezen tussen letterlijk en symbolisch door de beeldende beschrijving van de paarden. De paarden krijgen hier een andere betekenis als bij de zegels.

 

Babylon wordt uitgelegd als een stad waar het handelscentrum gevestigd zijn zal. Alle handelscentra uit New York, Londen en Brussel zullen dan hier naar toe verplaatst worden55. Een andere visie is dat Rome deze stad is vanwege het feit dat deze stad op zeven heuvelen gebouwd is56 en het feit dat het religieuze systeem uit Babylon in Rome zijn hoofdkwartier gekregen heeft. Voorbeelden hiervan zijn de redding door het vagevuur, redding door sacramenten, absolutie door de priester, besprenkelen met heilig water, het ei als symbool van de opstanding, het heilig symbool van het kruis, Tammuz geboorte in de winter57, Maria verering (Queen of heaven)58. Scofield geeft aan dat er een kerkelijk en een politiek Babylon is59.

 

Figuur  Schema Openbaring Bedelingenleer

 

De slag bij Armageddon wordt letterlijk gezien. Er kunnen verschillende landen bij betrokken zijn zoals het Romeinse rijk, Rusland, China, Afrika. Het doel is de vernietiging van het joodse volk60. Veel van de prolegomena spelen hier in mee.

 

Het duizend jarig rijk en de binding van satan wordt letterlijk opgevat.

 

1.3         Hermeneutische knelpunten bedelingenleer, “Hall Lindsey”, “Zoeklicht”, “Laatste bazuin”

 

Bij de prolegomena wordt de ultraletterlijke uitleg gebruikt en aan de heidenen alleen de zegeningen van Abraham toegekend. Hierdoor worden alle profetieën uitgesplitst in bestemd voor de gemeente of voor Israël. Deze hele kleine toevoeging leidt tot een zienswijze die de betekenis van een groot deel van de Bijbel anders inkleurt.

 

De uitleg van Openbaring 1:19 en de indeling van de zeven gemeentes over de kerkgeschiedenis waarbij de volgorde waarin ze in Openbaring voorkomen ook de volgorde is waarin ze in de tijd voorkomen komt niet overeen met de letterlijke betekenis van de tekst zoals die zich voordoet in Openbaring. Er wordt dus een heel klein beetje informatie toegevoegd. Deze informatie wordt niet verkregen doordat in een ander Bijbelboek duidelijk wordt dat dit zo is maar door de prolegomena dat de gemeente opgenomen wordt voor de grote verdrukking. In het gedeelte over de Opname wordt getoond dat een geheime opname voor de verdrukking en de wederkomst na de verdrukking op grond van andere teksten onwaarschijnlijk is. Ook Openbaring toont dit zelfde beeld. Alleen door veel redeneren kan hier uitgelegd worden dat de opname in Openbaring 3:10 plaats vindt. De uitleg wordt hier ultraletterlijk. Het gaat over de grens van de betekenis heen die de tekst hier heeft. Historisch klopt het ook niet omdat deze gemeente er al lang niet meer is en deze belofte dus heel anders opgevat moet hebben. Hermeneutisch wordt hier dus Openbaring 22:18-19 (niets toevoegen of weglaten) overschreden. En dit heeft enorme consequenties voor de uitleg.

 

Ook de opdeling in 7 jaar met halverwege de start van de grote verdrukking is uit de tekst niet op te maken. Dit wordt dus van buiten de tekst toegevoegd als een bril waardoor men kijkt. De periode van zeven jaar met twee maal drie en een half jaar kan alleen uit Daniël 9:27 afgeleid worden. Uit deze tekst wordt een hoofdregel gemaakt. De tekst in Daniel wordt echter ook anders uitgelegd. De zeventigste week is dan de week waarin de bediening van Jezus begint. Halverwege wordt Jezus gekruisigd. Door dit offer stopt de noodzaak voor de offerdienst van de joden. De laatste drie en een half jaar sluiten de periode af dat het evangelie speciaal aan de joden gebracht werd.

 

Figuur  Verdrukking van 7 jaar of 3,5 jaar

 

De enige tijdsaanduidingen die in Openbaring staan gaan over de 5e bazuin (5 maand), de 2 getuigen, de vrouw en de draak en het beest uit de zee. Bij de 2 getuigen is er sprake van 42 maanden waarin de heidenen de voorhof vertreden, de 2 getuigen die 1260 dagen profeteren. Het beest uit de zee wordt 42 maanden de macht gegeven om godslasteringen te spreken en macht uit te oefenen. In een aantal gedeeltes is er dus sprake van een tijdsperiode van 3,5 jaar. Nergens blijkt echter uit dat Openbaring 2 periodes van 3,5 jaar beschrijft en hoe de beschreven gedeeltes daar dan in passen. Hierbij wordt een gebruik gemaakt van de regel van Hillel van het maken van een hoofdregel uit 1 vers (dat uit Daniël). Het feit dat de zegels en bazuinen binnen de eerste drie en een half jaar vallen is niet uit de tekst af te leiden en wordt gebaseerd op de uitleg dat de opname in Openbaring 3:10 plaats vindt. Hierna begint de grote verdrukking. De zegels en bazuinen moeten dus wel in deze periode vallen. Dit is een aanname die niet hoeft te kloppen en nergens uit de tekst blijkt. Ook is, in de uitleg, niet duidelijk wat de betekenis is van de boekrol met de zegels, de bazuinen en de schalen. Ook is onduidelijk wat de fasering van de weeën betekent. Hermeneutisch zijn dus de prolegomena (Israël en de opname van de gemeente, laatste jaarweek, Romeinse rijk en de antichrist) en de conclusies die daar uit volgen leidend in de uitleg en niet de tekst zelf.

 

Ook worden alle profetieën, beelden en symbolen zoveel mogelijk letterlijk genomen en in de natuurlijke wereld geplaatst tenzij het er heel expliciet bij staat. Aangezien voor geestelijke zaken vaak natuurlijke symbolen gebruikt worden kan dit tot een totaal verkeerde uitleg leiden. Hermeneutisch bepaald zo niet de context of iets in de geestelijke wereld plaatsvindt maar de voorkeur voor de natuurlijke wereld.
De uitleg van de paarden is bijvoorbeeld heel verschillend per gedeelte. Het witte paard met ruiter is bijvoorbeeld eerst de antichrist en later Jezus. Dit maakt de uitleg moeilijk controleerbaar. (Zie ook het gedeelte over de betekenis van de beelden in Openbaring)
Wat betreft de uitleg van de vrouw en de draak gaat men over de tijdslijn van wat “na dezen” geschied. De geboorte en de hemelvaart vinden plaats voor het schrijven van Openbaring. Dit is dus inconsequent.
De tijdsvolgorde die aangehouden wordt knelt ook hier en daar. De verzegelden 144.000 van Israël, de schare die niemand tellen kan en de 144.000 en het Lam staan op onlogische plekken t.o.v. de betekenis die er aan gegeven wordt. Hermeneutisch wordt er dus af en toe voor gekozen de tijdsvolgorde aan te houden zoals bijvoorbeeld bij het beest uit de zee en aarde en af en toe niet zoals hierboven genoemd. Dit is inconsequent en heeft te maken met de prolegomena.
Bij het duiden van de stad Babylon wordt zoveel mogelijk letterlijk genomen. Vervolgens wordt er gekeken welke bestaande stad hier het meest mee overeenkomt. De uitleg is dan Rome. Dit sluit goed aan bij de prolegomena van het Romeinse rijk. De vraag is echter of Babylon wel letterlijk een stad is.

 
Wat de slag bij Armageddon betreft is het niet realistisch dat alle volken op oorlogspad gaan bij Armageddon. De troepen verplaatsingen die dat vraagt, de locatie, de aantallen zijn niet realistisch.
De belangrijkste knelpunten zijn dus de tijdsvolgorde en de betekenis die aan de verschillende dingen gegeven wordt. De figuurlijke taal in Openbaring word letterlijk genomen zelfs als dit niet realistisch is. Een voorbeeld is de ster van de derde bazuin die op een derde van de rivieren valt. Ook wordt er informatie toegevoegd middels de ultraletterlijke uitleg. Dit heeft een enorme invloed op de uitleg en is strijdig met Openbaring
 
22:18-19.
Verder licht het accent van het Oude Testament op Israël en het natuurlijk en het Nieuwe Testament op de gemeente en het geestelijke. Dit komt in de uitleg niet tot uitdrukking.
 

[1] Galaten 3:29

[2] Genesis 12:3 “… en met u zullen alle geslachten des aardbodems gezegend worden.”

[3] Pentecost, Things to come, bladzijde 72-73

[4] Kolossenzen 1:24  Thans verblijd ik mij over hetgeen ik om uwentwil lijd, … ten behoeve van zijn lichaam, dat is de gemeente. 25  Haar dienaar ben ik geworden … 26  het geheimenis, dat eeuwen en geslachten lang verborgen is geweest, maar thans geopenbaard aan zijn heiligen.

[5] Pentecost, Things to come, bladzijde 134

[6] Pentecost, Things to come, bladzijde 122

[7] Pentecost, Things to come, bladzijde 142

[8] Barneveld, J., Met Israel op weg naar de eindtijd (Nijkerk: Christenen voor Israel, 2002) bladzijde 47-49

[9] Lindsey, H. Op weg naar het einde der tijden (Vertaling Luuring, H.A.; Laren: Novapres) bladzijde 26, Haagen, van der C., Profetisch perspectief (Doorn: Uitgeverij Het Zoeklicht, derde druk) bladzijde 208-211 Het statenbeeld uit Daniël 2, hierbij is het 4e rijk het Romeinse Rijk, dit rijk is latent nog aanwezig en zal weer opstaan, hierbij wordt gewezen naar de Europese Unie.

[10] Lindsey, H. De laatste generatie, is er nog hoop voor de toekomst (Vertaling Onck, van A.; Laren: Novapres) bladzijde 65

[11] Kunst, T.J.W., Ontdekking van de toekomst (Doorn: Het Zoeklicht, 1996) bladzijde 157-159

[12] De tempel zoals die in Ezechiël beschreven wordt heeft nog niet bestaan.

[13] Zacharia 12:2

[14] Ezechiël 38:15-16

[15] Daniël 11:45

[16] Lindsey, Einde der tijden, bladzijde 46-60, 73-104

[17] Daniël 11:40-45

[18] Lindsey, Laatste generatie,bladzijde 61

[19] Houwing, W., Hoe zal het aflopen? (Stichting Goed Nieuws, 2001)

[20] Daniël 9:27  “En hij zal het verbond voor velen zwaar maken, een week lang; in de helft van de week zal hij slachtoffer en spijsoffer doen ophouden; …”

[21] Mattheüs 24:36

[22] Handelingen 1:7

[23] Lindsey, Einde der tijden, bladzijde 23, 168-170

[24] LaHaye, Het einde der tijden, bladzijde 56, 47-62

[25] LaHaye, Het einde der tijden, bladzijden 27..78

[26] Lindsey, Laatste generatie, bladzijde 82-96, Mattheüs 24.

[27] Erickson, Christian Theology,  bladzijde 1169 en McGrath, A., Christelijke theologie, bladzijde 489.

[28] Haagen, Profetisch perspectief , bladzijde 21,22

[29] Hiernaast is er ook nog een ultrabedelingen leer met wel 70 periodes. Deze kent echter een beperkt aantal navolgers.

[30] 2Thessalonicenzen 2:7  Want het geheimenis der wetteloosheid is reeds in werking; wacht slechts totdat hij, die op het ogenblik nog weerhoudt, verwijderd is.

[31] Barneveld, Met Israël op weg naar de eindtijd, bladzijde 158

[32] Hoddenbagh, Openbaring, bladzijde 19

[33] LaHaye, Het einde der tijden, bladzijde 100

[34] Pentecost, Things to come, bladzijde 153

[35] Hermeneutische Regel 1

[36] LaHaye, Het einde der tijden, bladzijde 131..136

[37] Openbaring 13

[38] Hillel regel 3: Maken van hoofdregel uit 1 vers

[39] LaHaye, Het einde der tijden, bladzijde 245-248

[40] Kunst, Ontdekking toekomst, bladzijde 161; Pentecost, Things to come, bladzijde 306-312

[41] Pentecost, Things to come, bladzijde 312-313

[42] Kunst, Ontdekking toekomst, bladzijde 159; Boersma, Puzzelboek, bladzijde 70; LaHaye, Het einde der tijden, bladzijde 245

[43] Haagen, Profetisch Perspectief, bladzijde 231

[44] LaHaye, Het einde der tijden, bladzijde 158..169

[45] Haagen, Profetisch Perspectief, bladzijde 254

[46] Openbaring 7:1-8

[47] Kunst, Ontdekking toekomst, bladzijde 199

[48] Kunst, Ontdekking toekomst, bladzijde 196

[49] Openbaring 7:9-17

[50] LaHaye, Het einde der tijden, bladzijde 138-139

[51] Kunst, Ontdekking toekomst, bladzijde 133

[52] Openbaring 13:16-17

[53] Lindsey, Einde der tijden, bladzijde 25, 96-104 als vervulling van Openbaring 9:13-19

[54] LaHaye, Het einde der tijden, bladzijde 168

[55] LaHaye, Het einde der tijden, bladzijde 171

[56] Haagen, Profetisch Perspectief, bladzijde 20

[57] Kerstmis

[58] Pentecost, Things to come, bladzijde 366

[59] Pentecost, Things to come, bladzijde 367..369

[60] Haagen, Profetisch Perspectief, bladzijde 13-18

 

Reacties naar: redactie @ eindtijddwaling . nl

Jezus Christus is De Weg, De Waarheid en Het Leven

De tekst op deze website is ontleend aan de NBG-vertaling 1951 © Nederlands Bijbelgenootschap 1951.
Copyright 2012 Henk Haveman, Eemnes.